|
|
![]() |
|||||||||
|
|
Verslag familiedag 1991
Middenbeemster
|
|||||||||
Meer historie van de Beemster kunt
je lezen in het boek "Van 'n
Heerenhuis als Gemeentehuis", geschreven door
N. Th. van der Lee. |
Midden in de Beemster, die grote
veelbezongen droogmakerij uit 1607 -
1612, ligt het dorp Middenbeemster, het administratieve centrum van de
gemeente Beemster. De Beemster - een prachtige en rijke polder van
7.000 ha en met totaal 7.000 inwoners.
Vraag je aan landgenoten waar ze de
Beemster van kennen, dan krijg je
steevast te horen: van Leeghwater en Betje Wolff. Betje leefde 17 jaar
(van 1759 tot 1777) als echtgenote van de veel oudere Ds. Wolff in de
pastorie. Zij en haar vriendin Aagje Deken waren bekende schrijfsters
in de 18de eeuw. In hun boeken stopten zij al denkbeelden over de
emancipatie van de vrouw. In die oude pastorie is thans het museum
"Betje Wolff" gehuisvest. Tja, dan Jan Adriaanzoon Leeghwater. De man
die de opdracht kreeg al het water uit het grote Beemstermeer te halen.
Als technicus en molenmaker wist hij dit kolossale karwei te klaren met
financiële hulp van enige zeer vermogende Amsterdamse
kooplieden als
Van Os, toenmaals eigenaar van de kapitale boerderij "De Eenhoorn". Jan
Adriaanszoon staat in onze tijd heel stoer en indrukwekkend te zijn,
als borstbeeld wel te verstaan, in het gazonnetje
vóór de ingang van
het statige "Heerenhuis".
Van 1912 tot 1923 was Dirk
Jonges (4.6.48)
pachter van het Heerenhuis.
Langs deze "Leeghwater" nu trokken
op zaterdagmorgen 20 april van het
jaar 1991 ongeveer 130 Jonges en Jongens en deze gingen vervolgens de
deur door van genoemd "Heerenhuis". Zij kwamen van heinde en verre. Het
was namelijk voor de tweede keer dat de uitgebreide familie Jonge(n)s
massaal bijeen kwam. Een "familiedag" heet een dergelijk gebeuren. De
eerste maal was dat ongeveer 2½ jaar geleden in De Lepelaar
te Jisp.
Het goot van de regen, die dag. Maar nu, op de 20ste april, was het
droog en scheen de zon. Heel de natuur werkte ditmaal mee. De zonnige
Beemster met z'n weelderige weiden en akkers en z'n bloeiende
vruchtbomen was gelijk een charmante en stralende gastvrouw.
Aan de wand van de grote bovenzaal
van Het Heerenhuis hingen grote
lijsten met namen van alle deelnemers/deelneemsters. Op het podium
stonden ontiegelijk grote bladen van de stamboom, een grandioos
werkstuk van Piet (Brakel) Jongens (3.1.8).
Het was diezelfde Piet die precies
om 11 uur 's ochtends alle
familieleden, gelaafd door koffie van Het Heerenhuis en verzadigd door
koek van bakker Jongens (3.5.55)
, hartelijk welkom heette om daarna het woord te geven aan de
loco-burgemeester van de gemeente Beemster, mevrouw M.A. Termeulen. Zij
opende officieel de samenkomst door op geestdriftige wijze iets te
vertellen over ontstaan en ontwikkeling van de polder, over oude
boerderijen en monumenten. Met schitterende kleuren schilderde zij voor
onze ogen de schoonheid van de Beemster.
Na de openingstoespraak ontstond
een gegons als in een bijenkorf.
Flarden van gesprekken vlogen door de ruimte. Men sprak met deze en
gene, liep van de ene tafel naar de andere. Er ontstond een gezellig
samenzijn van 130 broers en zusters, ooms en tantes, neven en nichten,
ouders en kinderen met kleinkinderen. Boeken en albums werden bekeken,
foto's uitgewisseld - kortom: er was een levendig vertier, grappig en
boeiend.
Tegen één uur
werd een goede lunch geserveerd:
verrukkelijke soep met
véél ballen, volop sandwiches en sneden
krentenbrood. Dit alles gedempt
met koffie en thee. Buiten scheen nog steeds de zon, binnen heerste er
een zonnige sfeer tussen de vele Jonge(n)s en hun aanhang. Dat een
huwelijk tussen een man en een vrouw zo'n goede 400 jaar geleden dit
allemaal tot gevolg zou hebben, dat is een wonderlijke
gedachte!
Vooruitlopend op het
gemeenschappelijke bezoek aan zijn museum "Betje
Wolff" hield voorzitter Schuijtemaker van het Genootschap "J.A.
Leeghwater" na de maaltijd een kleine causerie over de taken van dit
genootschap en over de totstandkoming van het intieme museum. Hij
benadrukte het feit dat de bevolking van de Beemster "sterk binnendijks
gericht" is, wat hij met een voorbeeld illustreerde. De Beemster is als
het ware "een eiland binnen Noord-Holland".
Teruggekeerd van het bezoek aan het
erg leuk ingerichte museum werd in
Het Heerenhuis nog even met elkaar nagekletst. Tegen 4 uur zochten de
Jonge(n)s de weg op naar Assen, Drachten, Hoensbroek, Oss, Zaandijk, en
noem verder alle andere plaatsen tussen de A en de Z in Nederland maar
op.
En in hun tas als zoete herinnering
aan deze in alle opzichten
buitengewoon geslaagde familiedag een heerlijke, geurige Zaanse
"duivekater" uit de ovens van bakker Jongens te Wormerveer.
Verheugend was het dat na afloop
van de familiedag twee jonge leden van
de Jonges familie aan de werkgroep konden worden toegevoegd!
G. Schaap, Koog aan de
Zaan
|
|||||||||
|
|
|