|
|
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
De famile namen Jong -
Jonges - Jongens
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Namen zijn een middel om de ene
persoon van de andere te kunnen
onderscheiden. Soms komt die bedoeling niet tot haar recht, door het
verschijnsel van gelijke voornamen in combinatie met gelijke
achternamen.
Om verwarring te vermijden kan in
zulke gevallen de afgekorte voornaam
van de vader worden bijgeschreven. Zo zouden bijvoorbeeld Pieter
Jongens uit Brakel, als zoon van Klaas, en Pieter Jongens uit Driehuis
als zoon van Pieter, respectievelijk Kz en Pz achter hun naam kunnen
zetten.
Deze in ongebruik geraakte methode
was vooral nodig in de tijd toen
achternamen nog een uitzondering waren. Iemand die Cornelis heette en
een zoon was van Jan werd aldus Cornelis Jansz. genoemd. Kwamen er
onder buurtgenoten meer inwoners voor met een dergelijk naam, dan was
een extra onderscheid wenselijk. Dit kon bestaan uit de vermelding van
het beroep, de aanduiding van de plaats van herkomst, of een toevoeging
die wijst op een zeker leeftijdsverschil. Het is duidelijk dat dit
laatst bepalend is geweest voor de vestiging van onze
familienaam.
Er komen vele variatie in de
geslachtsnaam voor die herinneren aan de
betrekkelijk jeugdige status van een verre voorvader. Uit een lange
reeks noemen wij: Jong, 't Jong, Jongs, Jongste, Jonges, Jongen,
Jongens, Jongetjes, Jongers, Jongert, Jongerden, Jonk,
Jonkjes.
De verschillende uitgangen van het
woord jong lijken min of meer een
streekgebonden oorsprong te hebben. Opmerkelijk in dit verband dat de
naam Jonges en de variëteit Jongens voornamelijk van Jisp zijn
uitgebreid.
Strikt taalkundig bezien hebben
beide namen de tweede naamvalsvorm. De
's' zou dan betekenen 'van'. De eerste Jonges kan in deze redenatie de
zoon zijn geweest van Jong, of van Jonge. De beschikbare documenten
bevestigen dit niet. Wij kunnen dat onder andere opmaken uit een in
1645 opgesteld bevrachtingcontract voor een schip naar Groenland. De
tekst vermeldt de naam 'Claes Cornelissen 't Jongh', hoewel de
betrokkene ondertekent met 'Claes Cornelissen Jonges'.
Het gebruik van de genitief was
inde 17e
eeuw niet ongewoon. Behalve Jonges treffen we namen aan als Mans,
Mannes en Vrouwes. In de kerk van Jisp is een grafsteen uit 1669, met
de naam 'Arent Pieterszoon Mannes', een toenmalige burgemeester.
Evenals Jonges komen de namen Vrouwes en Mannes voor.
Dat te nader onderscheid een
toenaam nodig kon zijn, blijkt uit het
doopboek van de gereformeerde gemeente te Jisp, anno 1628. Op 16
januari van dat jaar wordt daarin genoteerd 'Marij, de dochter van
Claes Corneliszn'. Nog geen maand later, op 13 februari, wordt gedoopt:
'Jan, de zoon van Claes Corn. Jongh' (1.0.7).
Omdat beide vaders Claes Corneliszoon heten, kreeg de jongste de
toevoeging 'Jongh'.
Dit doopboek leert ons ook dat men
in de schrijfwijze allerminst
consequent was. De ene keer wordt 'Jonges' geschreven en de andere keer
is het weer 'Jongh', hoewel het kennelijk dezelfde vader betreft. De
eerste naam blijkt het echter na enige tijd te winnen van de
tweede.
In de achttiende eeuw gaat men
zicht toeleggen op verfraaiing van het
schriftbeeld. Voor het bijhouden van de registers worden dan wel
onderwijzers ingeschakeld. Er verschijnen sierlijke krullen en lange
halen. Ook ontstaat de neiging, extra medeklinkers toe te passen. Een
merkwaardig voorbeeld hiervan is het huwelijk tussen Cornelis Claaszoon
(2.0.4)
en Grietje Wagenaar, voltrokken te Jisp in 1741. De scribent spelt de
achternaam van de bruidegom als 'Jonghges'. Vermoedelijk was de
uitspraak anders dan wij nu gewend zijn en zal de 'g' hebben gekonken
als in het woord dochter.
In het bijzonder genoot de letter
'n' een zekere voorkeur.
Meisjesnamen, eindigend op een 'e', worden dan 'Maartjen', 'Grietjen',
'Neeltjen', enz.
Overeenkomstig deze trend zal men
er ook toe zijn gekomen een 'n' in te
voegen in de achternaam Jonges. Wij dienen bij dit verschijnsel echter
wel te bedenken, dat van een vaste regel in dit opzicht nog geen sprake
was. Zelfs tot na de invoering van de burgelijke stand, in 1811, wordt
de naam met of zonder 'n' toegepast, ook als het dezelfde persoon
betreft.
De eerste vermelding van 'Jongens'
biedt het doopboek van Jisp uit
1742. Op 26 augustus wordt dan gedoopt: 'Klaas', zoon van 'Jan Klaasz.
Jongens' (1.0.52)
en van 'Neeltjen Jacobs'. Hij leeft slechts enkele weken; bij de
aangifte van overlijden luidt de achternaam 'Jonges'.
De tweede Jongens is Antje, gedoopt
Jisp 21-9-1748, dochter van Crelis
Klaasz. Jonges (2.0.4)
en van Grietje Wagenaar. Ook bij haar overlijden te
Wormerveer op 28-11-1831, heet zij nog zo.
De zuster van Jannetje (2.0.11)
wordt bij de doop ingeschreven als Jonges, maar heeft daarna steeds als
Jongens te boek gestaan.
De broer van deze zusters, Pieter (2.0.7)
, is bij zijn doop op 1-2-1742 ook nog een Jonges, maar wordt ingaande
zijn eerste huwelijk op 2-5-1773 geregistreerd als Jongens. Hij is
degene, die deze geslachtsnaam in zijn nazaten laat voortbestaan.
Zijn beide broers Crelis (2.0.8) en
Klaas (2.0.9) blijven Jonges heten.
Evenals de leden van hun nageslacht.
In vergelijking met een zeer veel
voorkomende naam als De Jong, zijn
onze namen Jonges en Jongens betrekkelijk exclusief gebleven (zie
ook Onbekende vermeldingen).
Het Nederlands Repertorium van Familienamen, uitgegeven in 1963, bevat
een inventarisatie van familienamen volgens de in 1947 gehouden
volkstelling. De naam Jonges komt daarin 103 keer voor, waarvan 54 in
Noord-Holland. De naam Jongens treffen wij 177 maal aan, waarvan maar
liefst 119 in deze provincie.
P. Jongens, Driehuis
3.5.1.
Naschrift
- Statistieken bij de start van 2009
In totaal hebben we in onze
gegevensbank 424 personen met de naam
Jonges en 507 met Jongens geregistreerd.
Groei van gegistreerde personen met
de naam Jonges en Jongens in de
loop van de jaren:
Hiervan zijn de volgende aantallen
personen nog in leven per
1-1-2009:
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|